Optie begrippen

A

AEX (Amsterdam EXchanges)

De beurs voor effectenhandel en opties die in 1996 is ontstaan na de fusie van de Amsterdamse Effectenbeurs en de EOE Optiebeurs.

All or non

Orderconditie voor het uitvoeren van alle opties of niks.

Ask

Engelse beursterm voor de vraagprijs van een optie of aandeel.

Assigned

Aankondiging van de OCC dat de verkoper van de optie is assigned (toegewezen).

Assignment

Aankondiging aan een broker of clearing company dat de bezitter van een optie zijn opties uitoefent (exercised) en van zijn recht gebruik maakt. Voor aandelen- en indexopties geldt dat deze willekeurig worden toegekend.

At the money

De strike (uitoefenprijs) het dichts bij de huidige koers van het aandeel.

B

Back spread

Een delta neutrale positie waarbij meer lange termijn opties dan korte termijn opties in positie worden genomen. Deze positie is over het algemeen winstgevend in een sterk bewegende markt in beide richtingen.

Bear Call spread

Tegelijk kopen van een call optie en het verkopen van een call met een lagere strikeprijs. Bijvoorbeeld: koop 1 XYZ May 65 call en verkoop 1 XYZ May 60 call.

Bear Put spread

Tegelijk kopen van een put optie en het verkopen van een put met een lagere strikeprijs. Bijvoorbeeld: koop 1 XYZ May 60 put en verkoop 1 XYZ 55 put.

Bear (or bearish) spread

Een strategie met een combinatie van verschillende opties (of opties met een positie in de onderliggende waarde) die mogelijk winstgevend wordt wanneer de onderliggende waarde daalt.

Bearish

Uitdrukking voor een dalende koers. Een beer slaat met zijn klauwen naar beneden. Handelaren gebruiken deze beweging om aan te geven dat zij verwachten dat een aandeel daalt.

Beta

De beweging van een individueel aandeel t.o.v. de totale markt.

Beursplein 5

Het huidige handelsgebouw van NYSE Euronext Amsterdam.

Bid

Handelsterm waarmee de biedprijs van een aandeel of optie wordt aangegeven.

Black and Sholes

De eerste algemeen gebruikte formule om optieprijzen te berekenen. Deze formule stelt je in staat de theoretische prijs van een optie te berekenen met gebruik van de koers van de onderliggende waarde (aandeel), verwachte dividend uitkeringen, de strikeprijs, de looptijd en de volatiliteit van de onderliggende waarde.

Broker

Een handelaar die in opdracht van een belegger orders uitvoert op de beurs.

Bull Call spread

Het tegelijk kopen van een optie met een lage stikeprijs en het verkopen van een optie met een hogere strikeprijs. Voorbeeld: koop 1 XYZ May 60 call en verkoop 1 XYZ May 65 call.

Bull Put spread

Het tegelijk verkopen van een call optie met een lage strikeprijs en het kopen van een optie met een hogere strikeprijs. Voorbeeld: verkoop 1 XYZ May 60 put en koop 1 XYZ May 65 call.

Bull spread

Een strategie met verschillende opties (of opties gecombineerd met aandelen) die mogelijk winstgevend wordt als de onderliggende waarde stijgt.

Bullish

Uitdrukking waarmee handelaren aangeven dat zij verwachten dat een aandeel omhoog gaat. Een stier duwt zijn horens omhoog.

Butterfly

Optiepositie waarbij verschillende opties worden gekocht en verkocht om zodoende een positie te verwerven die winst oplevert.

C

Calandar spread

Een optie strategie waarbij opties met een verschillende looptijd worden verhandeld om te profiteren van de verschillende tijdswaarde afname.

Call optie

Een call optie geeft de koper het recht om een aandelen te kopen tegen een vooraf gestelde prijs. De verkoper/schrijver heeft de plicht om het aandeel te verkopen indien deze daartoe wordt aangewezen.

D

Delta ∆

Grieks teken wat aangeeft hoeveel aandelen een optiehandelaar zou moeten kopen of verkopen om zijn positie neutraal te maken.

Derivaat

Een derivaat is een afgeleid product. Een optie is een voorbeeld van een derivaat.

F

Fill or Kill

Order van klant om een optieorder in één keer uit te voeren en te vullen en anders de gehele order te annuleren.

G

Gamma ( y )

Bij een koersschommeling in de onderliggende waarde zal het aantal te kopen of verkopen aandelen schommelen. De verandering van de Delta noemt men Gamma ( y ).

I

In-the-money

Een call optie is in-the-money als de uiteofenprijs van de optie lager is als de koers van de onderliggende waarde waar de call betrekking op heeft.

Een put optie is in-the-money als de uiteofenprijs van de optie hoger is als de koers van de onderliggende waarde waar de call betrekking op heeft.

L

Long

Long is de Engelse term voor opties en aandelen die zijn gekocht en in portefeuille zijn.

M

Market Maker

Handelaar in opties die de verplicht is prijzen af te geven voor iedere optie die in het betreffende fonds wordt verhandeld.

O

Out of the Money

Een optie die geen intrinsieke waarde heeft wordt ‘Out of the Money’ genoemd. Op expiratie zal de waarde €0,- zijn.

P

Put

Een put optie geeft de koper het recht om 100 aandelen te verkopen tegen een vooraf gestelde prijs. De verkoper/schrijver van de put optie heeft de plicht om 100 aandelen te kopen indien deze daartoe wordt aangewezen.

S

Schrijven

Een optie transactie waarbij je een call of put verkoopt die je niet bezit, ook wel een open-sell genoemd. Je opent namelijk een positie door een optie te verkopen. Deze transactie word opgeheven door de optie terug te kopen (close-buy).

Short

De Engelse benaming voor geschreven opties of aandelen die je hebt verkocht zonder dat je deze daadwerkelijk in je portefuille hebt.

Strike (price of prijs)

Uitoefenprijs van de optie. De prijs waarvoor de onderliggende waarde bij uitoefening van de optie wordt afgerekend.

V

Vega ( v )

Vega is het bedrag dat een optie toe- of afneemt bij een verandering in de volatility.

Volatility (Volatiliteit)

Bewegingsindicator voor een optie die laat zien hoeveel risico en kans een optie heeft en daarmee ook mede bepalend voor de prijsstelling van de optie.